Archive for augustus 2008
Heartthrob – Dear Painter, Paint Me





Opmerkelijk lieflijke robotpingpongmuziek afkomstig van het normaalgesproken zo steriele technolabel m-nus. De nummers op “Dear Painter, Paint Me” zijn zelfs dermate melodieus dat je er ook van kunt genieten wanneer je niet op zaterdagavond interessant staat te doen op de betere dansvloer. Dan moet je echter wel een nogal metalig geluid en liters galm kunnen verteren.
Klaus Schulze Lisa Gerrard – Farscape





Deze onwaarschijnlijke combi levert een 150 minuten durende superprestatie. Extatische vocale acrobatiek, op een bed van de overbekende sfeervolle electronica. Voor Schulze een makkie, die trekt een blik open, Gerrard heeft in slechts 7 dagen haar partijen rechtstreeks ingezongen
daarna knippen, schaven en klaar. Bedenk dat de stem hier als instrument is gebruikt en er geen teksten zijn hoewel er een evident opera-aspect aan deze muziek zit.
Errors – It's Not Something But It Is Like Whatever





Tamelijk superieure instrumentale frunnikmuziek met laptops, drums, gitaren en ander spul.
Bodi Bill – Next Time





Avontuurlijke 2e CD van Berlijns gezelschap dat ongebruikelijke invloeden verwerkt in zeer afwisselende nummers. Elastisch stemgebruik, beetje hiphop dan weer romantisch, soms instrumentaal maar altijd die subtiel gebruikte elektronica waardoor de vergelijking met Notwist niet uitgesloten is. Wel een bewijs dat Duitsland nog steed de bakermat is van goede elektropop.
The Surface Constructors – Live at the living room





Echt huiskamerproject van August Engkilde binnen improviserend trio met piano drums en bas.
Piano dwarrelt, vaak slepende brushes, de bas dreigend op de achtergrond. Daaroverheen de ontregelende, soms herkenbare samples en soms fors dissonante electronica van August.
Voor een dagvers produkt waarschijnlijk een aardige houdbaarheidstermijn.
The Chap – Mega Breakfast





Oh-zo-Brits (tjek die stiff upper lip dan!) mengsel van, uiteraard, postpunk, elektronisch danslawaai en theater. The Chap doet een beetje denken aan Sparks, maar komt op muzikaal vlak gelukkig een stuk beter beslagen ten ijs: zelfs als je de (meestal behoorlijk geestige teksten) negeert, zijn de liedjes op “Mega Breakfast” bijzonder aanstekelijk en aangenaam.
The Necks – Townsville





Dit is geen jazz-trio, geen postrock-band, geen ambient en geen minimal. Wel een sterk improviserend trio met de 14e CD in 20 jaar. Twinkelende pianoklanken in onvoorspelbare reeksen maar toch harmonisch, gestreken staande bas en als ritme een licht aangetikt bekken als een zomerse regenbui. En dat 53 minuten lang, live opgenomen maar zonder publieksinvloeden die de sfeer verpesten. Ongetwijfeld zullen er mensen zeeziek of zenuwachtig van worden maar mij verveelt het geen sekonde.
De la Mancha – Atlas





Debuut van 2 zweden die samen Sigur Ros en shoegaze mengen. Verveelt dat dan nooit die inmiddels uitgekauwde combi? Nee eigenlijk niet want in een melancholieke bui is dit lekker zwelgen in zelfmedelijden. Lekker epische nummers zijn dit met veel dynamiek, wall of sound en gelukkig net onder de grens van oversturing. Bovendien doet Rosenqvist als Jasper TX al langer belangwekkende dingen
Robin Saville – Peasgood Nonsuch





Beter bekend als de helft van Isan maakt Robin een bescheiden plaat met sterk analoog gevoel.
Waren al eerder de gymnopedieen van Satie inspiratiebron, ook dit werk is sterk in minimale en impressionistische sferen. Verdient evenveel aandacht als de (evenwel afnemend interessante)
weken van Isan zelf.
Stereolab – Chemical Chords





Wat mij betreft, heeft Stereolab nog nooit een plaat gemaakt die niet op zijn minst de moeite van het aanhoren waard was. Ook hun nieuwste product, het zonnige popplaatje Chemical Chords, is weer buitengewoon plezierige zomerkitsch, perfect voor tijdens een autoritje (in een DS cabrio, uiteraard) door de heuvels van Zuid-Frankrijk.